Blijf de overstap van eenmanszaak naar vennootschap  sinds 2026 nog interessant?

Sinds 1 januari 2026 werden de fiscale regels voor vennootschappen verstrengd.

Deze wijzigingen kunnen een rol spelen als u uw eenmanszaak in een vennootschap wilt onderbrengen.

 

Verlaagd tarief.

De inkomsten van uw eenmanszaak worden belast tegen het progressieve tarief, van 50% (+ gemeentebelasting) op de inkomstenschijf boven zo’n € 50.000. Een vennootschap betaalt op haar volledige inkomen maar 25% en, onder bepaalde voorwaarden, op de eerste schijf van € 100.000 zelfs maar 20%.

 

Voorwaarden verstrengd. 

Een van de voorwaarden voor het verlaagde tarief is dat aan ten minste één bedrijfsleider een minimumloon betaald moet worden. Dit minimumloon bedroeg tot nu toe in principe € 45.000, maar vanaf inkomstenjaar 2026 is dit verhoogd tot € 50.000 en wordt het jaarlijks geïndexeerd.

Bovendien is een vennootschap voortaan uitgesloten van het verlaagde tarief als de bedrijfsleiderslonen voor meer dan 20% bestaan uit forfaitair gewaardeerde voordelen alle aard zoals het voordeel auto of woning.

 

Verlaagde roerende voorheffing (rv).

De winst van een vennootschap kan als een dividend uitgekeerd worden. Normaal gezien is hierop 30% roerende voorheffing (rv) op verschuldigd.

Onder bepaalde voorwaarden is het mogelijk om lagere rv-tarieven mogelijk te hanteren. VVPR-bis-dividenden worden vaak toegepast om op een fiscaal vriendelijke manier voordelig dividenden uit te keren. Het huidige tarief is 15% naar dat is ondertussen verhoogd naar 18%.

 

Conclusie. 

De verhoging van de minimumbezoldiging en de wijziging (verhoging) het rv-tarief van het VVPR-bis-regime zijn punten om mee te nemen als u een overstap naar een vennootschap overweegt. Het loont de moeite om de berekening te maken of in uw geval de overstap zou lonen. Er zijn meerdere aspecten in rekening te nemen.Wij helpen u graag om uw situatie te bekijken.

Gerelateerdeartikels

Privacy Preference Center